Emerson Home




Textversion
Startreinigingsprocessentoepassingenover onsvacaturescontact

processen:

Proces beschrijving

Toepassingen

Ultrasoon Reinigen:

Overzicht Bransonics

Overzicht Accessoires

Overzicht reinigingsvloeistoffen

Algemeen:

Start

Vestigingen wereldwijd

Overzicht Vestigingen/Representanten

Internationaal Adressenoverzicht

BRANSONIC-Reinigingsapparaten

Colofon

AGBs

Archief

 

 

Branson Ultrasonics B.V.

Vlierberg 26A

3755 BS  Eemnes

Email: info@branson.nl

Ultrasoon reinigen


Met ultrasone reiniging werkt u sneller, grondiger en veiliger dan met elke andere reinigingsmethode.


Wat u met borstelen, stomen of weken niet bereikt, gaat moeiteloos met de geavanceerde ultrasone techniek van BRANSON. Hierbij wordt geluid met een hoge frequentie door een reinigingsvloeistof gestuurd. In die vloeistof ontstaan afwisselend hoge en lage drukgolven, waardoor miljoenen microscopische kleine belletjes ontstaan met onderdruk. Deze klappen snel weer in elkaar waardoor energie vrij komt, die mechanisch borstelen vele malen overtreft. Dit zogenaamde cavitatieproces versneld de afbraak van vuildeeltjes en brengt telkens de vloeistof zeer actief in contact met het te reinigen voorwerp. Warmte versnelt dit proces.

 

Hoe ultrasoon werkt;

Ultrasoon geluid is geluid dat in frequenties, die in het algemeen boven de menselijke gehoorgrens liggen, wordt voortgebracht. In de ultrasoon reiniger worden ultrasoon geluidstrillingen benut voor het reinigen van materialen en voorwerpen. Dit werkt als volgt:

       Wanneer de geluidsgolven van de transducer zich

     door de vloeistof in de tank voortplanten, veroorzaken

     zij hoge en lage drukken in de vloeistof.

 

 

       Tijdens het lage druk stadium vormen zich miljoenen

     zich uitzettende microscopisch kleine dampbellen.

     Dit verschijnsel wordt CAVITATIE genoemd, hetgeen

     "vorming van holtes" betekent.

 

 

       Tijdens het hoge druk stadium klappen de belletjes in

     elkaar ofwel ze “imploderen”, waarbij enorme

     hoeveelheden energie vrij≠komen. Deze implosies

     werken als een groot aantal kleine borsteltjes.

     Zij werken in alle richtingen, op elk oppervlak

     en dringen in alle holten en gaten door.

  

 

Reinigingsmethoden;

Er zijn twee methoden voor het reinigen; direct en indirect. Elk heeft voor‑ en nadelen. Neem bij twijfel proeven met beide methoden om vast te stellen welke methode de beste resultaten geeft.

Directe methode:

Hoe het werkt:

       Vul de tank met warm water en een reinigingsmiddel.

       Zet de te reinigen voorwerpen in een geperforeerd bakje en laat dit in de tank zakken. Men kan de voorwerpen ook aan een draad hangen en daarna in de oplossing onderdompelen.

De voordelen van deze methode zijn de eenvoud van handeling en effectieve reiniging.

 

Spoelen, drogen en invetten:
 

       Spoel de voorwerpen om de na het reinigen op de voorwerpen achter≠gebleven chemicaliŽn te verwijderen.

       Droog de voorwerpen met schone perslucht, hete lucht blazers of in een oven.

       Vet de voorwerpen zonodig opnieuw in.


Indirecte methode:

Hoe het werkt:

 

       Vul de tank met warm water met een bevochtiger.

       Giet het reinigingsoplosmiddel in een of meer bekers of in een dichte inhangschaal.

       Plaats de bekers in een beker‑inhangdeksel of in een in het reinigings≠apparaat passende dichte inhangschaal. De bekers mogen de tankbodem niet raken.

De voordelen van deze methode zijn:

       Het afkomende vuil blijft in de beker of schaal achter, waardoor het gemakkelijk onderzocht, gefiltreerd of afgevoerd kan worden.

       Men kan tegelijkertijd een of meerdere oplossingen toepassen:

-      twee volkomen verschillende reinigingsoplossingen.

-      een beker of schaal met reinigingsoplossing en een met een spoeloplossing.

       De reinigingsoplossing in de tank behoeft minder vaak ververst te worden.

Spoelen, drogen en invetten:

       Spoel de voorwerpen om de na het reinigen op de voorwerpen achter≠gebleven chemicaliŽn te verwijderen.

       Droog de voorwerpen met schone perslucht, hete lucht blazers of in een oven.

       Vet de voorwerpen zonodig opnieuw in.

 

Toepassingsadviezen;

                              WAARSCHUWING       

       Nieuwe of goedkope sieraden ‑ reinig deze nooit in het reinigingsapparaat. Verlijmde vattingen kunnen door de combinatie van warmte en trillingen losraken.

       Edelstenen ‑ reinig de volgende edelstenen nooit in de reiniger: smaragd, amethist, parels, turkoois, opaal, koraal, peridot of lazuursteen.

Eerste maal reinigen ‑ Neem eerst een proef met ťťn exemplaar, ga daar≠na door met de rest.

Vloeistofhoogte ‑ Zorg ervoor het vloeistofniveau binnen 1 cm onder het "werkniveau" van de tank te houden.

Belading grootte ‑ Het is sneller en doelmatiger om meerdere kleine be≠ladingen te behandelen dan een paar grote beladingen.

Het inbrengen van de voorwerpen ‑ Laat de voorwerpen nooit op de bodem rusten. Zet ze altijd in een inhangschaal of beker of hang ze in de vloeistof.

Het spoelen van de voorwerpen ‑ Gebruik na het reinigen een bad met schoon water om de aanhangende chemicaliŽn van de voorwerpen weg te spoelen.

Het drogen van de voorwerpen ‑ Het drogen met lucht op kamertempe≠ratuur werkt goed bij sommige voorwerpen. Zet voorwerpen die een snellere droging nodig hebben onder hete lucht blazers of in ovens.

Het smeren van de voorwerpen ‑ Zonodig de voorwerpen direct na het reinigen opnieuw smeren.

Heeft u vragen omtrent de toepassing, neem dan contact op met uw leverancier.


 

Reinigingsoplossingen;

                               WAARSCHUWING          

Gebruik geen corrosieve oplossingen, zoals bleekmiddelen, sterke zuren of krachtig bijtende stoffen, direct in ultrasoon reinigers; de garantie komt hier≠door te vervallen. Gebruik alleen onbrandbare vloeistoffen en oplossingen op waterbasis. Gebruik geen koolwaterstof‑oplossingen.

Soorten oplossingen:

Oplossingen op waterbasis zijn licht zuur of alkalisch. Hiertoe behoren reinigingsmiddelen, zepen en industriŽle reinigers, ontwikkeld om specifieke vervuiling te verwijderen.

Zure oplossingen op waterbasis: voor het verwijderen van roest, aanslag of ketelsteen. Zij variŽren van zwakke oplossingen voor het verwijderen van aanslag tot geconcentreerde, geremde zuur‑oplossingen voor het verwij≠deren van gietgips, melksteen, zinkoxide en roest van staal en gietijzer, alswel roet en hamerslag van gehard staal.

Alkalische oplossingen op waterbasis: hiertoe behoren carbonaten, sili≠caten en afbijtmiddelen. Deze stoffen bevorderen de emulgerende werking, verhinderen dat zich opnieuw vuil op het gereinigde oppervlak afzet en ver≠beteren de reinigende werking in hard water.

Alkalische sterkte:     Verwijdert:

Zwak                          Lichte oliŽn en vetten, snijoliŽn en koelmengsels.

Zwak tot sterk             Dikke vetten en oliŽn, wassen, plantaardige oliŽn, inkten, polijst‑ of poetsmiddelen op was‑ of vetbasis, melkresten en koolhydraten.

Zwaar                         Walshuid, hamerslag door warmtebehandeling, cor≠rosie of oxidatie.

De reinigingsoplossing regelmatig verversen. Reinigingsoplossingen kunnen verontreinigd worden door zwevende vuildeeltjes, die zich op de bodem af≠zetten. Deze aanslag dempt de ultrasoon werking en vermindert de reini≠gende werking.

Bepaalde oplossingen zullen beter caviteren dan andere. Neem voor nadere inlichtingen contact op met uw plaatselijke dealer.

Warmte en cavitatie: verhogen de chemische werking van de reinigings≠oplossingen. Sommige materialen kunnen door deze sterkere chemische werking worden beschadigd. Bij twijfel eerst een proef nemen met enkele exemplaren van de te reinigen voorwerpen.

Bijtende oplossingen: worden toegepast voor het verwijderen van roest van staal, corrosie van metaallegeringen en diverse soorten hardnekkig vuil.

Concentratie reinigingsmiddel:

De concentratie van het reinigingsmiddel kan variŽren. De toe te passen concentratie hangt af van het reinigingsmiddel en het soort te verwijderen vuil. Volg de aanwijzingen op de verpakking van het reinigingsmiddel op en raadpleeg onderstaande tabel voor de inwerking van oplossingen op metalen.

Inwerking van oplossingen op metalen:

Reinigings≠middel

Staal

Messing

Aluminium

Magnesium

Zink

RVS koper

Tin

Algemeen gebruik    (1)

geen

geen

licht etsend

geen

geen

geen

geen

IndustriŽle reiniger    (1)

geen

geen

licht etsend

geen

geen

geen

geen

Oxidever≠wijderaar  (2)

licht etsend

geen

licht etsend

tast aan

tast aan

geen

geen

Juwelen reiniger    (1)

geen

geen

geen

geen

geen

geen

geen

(1) = alkalisch; (2) = zuurhoudend

                               WAARSCHUWING        

Vrije waterstof kan vrijkomen, wanneer de oplossing in contact komt met reactief metaal.

Optimaal gebruik van uw reinigingsapparaat;

Tanks:

Reinigen ‑ Controleer de tank op vervuiling, telkens wanneer de oplossing ververst wordt. Verwijder, indien noodzakelijk, de verontreinigingen met een zachte doek en water.

Legen ‑ Voordat de tank geleegd wordt, eerst de netsnoersteker uit de con≠tactdoos halen.

Vullen ‑ Voordat de tank gevuld wordt, eerst de netsnoersteker uit de con≠tactdoos halen. Vul het reinigingsapparaat met warm leidingwater tot aan werkniveau (2,5 cm van de rand met ingezette beker of schaal).

Laag vloeistofpeil ‑ Zal het reinigingsapparaat doen uitvallen. Het vloei≠stofpeil kan onder het werkniveau dalen, als zware of volumineuze bela≠dingen uit het reinigingsapparaat worden gehaald. Zorg er in dat geval voor dat de verloren gegane vloeistof wordt aangevuld. Afhankelijk van de toegevoegde hoeveelheid kan het nodig zijn het reini≠gingsapparaat te ontgassen.

Overbelasting ‑ Laat geen voorwerpen op de tankbodem rusten. Gewicht op de tankbodem smoort de geluidsenergie en kan schade aan de transducer veroorzaken. Gebruik in plaats daarvan een schaal of beker en een inhang≠deksel om alle voorwerpen in te doen. Houd voor voldoende cavitatie ten≠minste 2,5 cm ruimte tussen tankbodem en schaal of beker.

Deksels ‑ Zorgen ervoor dat het reinigingsapparaat sneller en tot een hogere temperatuur wordt opgewarmd en vermijden overmatige verdamping. Sluit de ventilatieopeningen van het deksel niet af, daar het reinigingsapparaaat anders oververhit zal geraken.

Temperatuur:

Verwarming ‑ De verwarming kan enige verkleuring van de tankwand ver≠oorzaken. Dit is normaal en zal in generlei wijze invloed hebben op de prestatie van het reinigingsapparaat.

Oplossing ‑ Het model MTH/DTH zal zich op ongeveer 50įC stabiliseren, als het ultrasoon en de verwarming continu en zonder deksel aan staat (62įC continu en met deksel).                    Onthoud dat ultrasoon trillingen warmte aan de oplossing toevoegen.

Instellen van de temperatuur ‑ Het reinigingsapparaat zal bij 75įC worden uitgeschakeld; het LED‑signaalvenster zal knipperend "75" aangeven. Het reinigingsapparaat uitschakelen en af laten koelen. Om een snellere af≠koeling te bewerkstelligen, een deel van de warme oplossing vervangen door koude oplossing.

Oplossing:

Oppervlakte‑activiteit ‑ De mate van zichtbare oppervlakte‑activiteit gaat niet noodzakelerwijze samen met een optimale cavitatie voor het reinigen.

Ontgassen ‑ Nieuwe oplossingen bevatten veel opgeloste gassen (meestal lucht), waardoor de doeltreffendheid van de ultrasoon werking wordt ver≠minderd. Hoewel de oplossingen zich na verloop van tijd vanzelf zullen ont≠gassen, zal het proces versneld worden door de instelling "ONTGASSEN" te gebruiken. Oplossingen, die 24 uur of langer ongebruikt zijn, hebben op≠nieuw wat gas opgenomen.

Warmte ‑ Verhoogt de chemische werking van de reinigingsoplossingen.

Oppervlaktespanning ‑ Kan verlaagd worden door een oppervlakte≠spanning‑verlagend middel of een bevochtiger aan het bad toe te voegen. Een lagere oppervlaktespanning verhoogt de cavitatie.

Oplosmiddelen ‑ Nooit oplosmiddelen gebruiken. Brandbare oplosmiddel≠dampen zullen zich onder het reinigingsapparaat verzamelen, waar ont≠branding door elektrische onderdelen mogelijk is.

Verversen ‑ Reinigingsoplossingen regelmatig verversen om de ultrasoon reinigende werking te versterken. Oplossingen raken, net als de meeste che≠micaliŽn, na verloop van tijd uitgeput. Oplossingen kunnen verontreinigd worden door zwevende vuildeeltjes, die zich op de tankbodem afzetten en daardoor de ultrasoon werking smoren